Taal: Woordenschat

Inleiding

Onze school werkt met de methode Taaljournaal 2. Een onderdeel van de methode is de uitbreiding van de Woordenschat. De woordenschat is erg belangrijk omdat al onze kinderen op deze school kampen met een taalachterstand in meer of mindere mate. Veel kinderen in groep 5 of 6 die wel het niveau volgen van groep 5 of 6, scoren op de Cito-toetsen bij het onderdeel woordenschat E3 niveau. Van alle kinderen is de woordenschat te klein. Omdat we in groep 5 met de zaakvakken beginnen wordt dit nu nog meer zichtbaar. Daarom start het hele team in het najaar met een cursus NT-2: Nederlandse taal voor anderstaligen. Ik ben alvast begonnen met het aanbieden van de woordenschat via deze website.

 

De Viertakt

Het aanbieden van de woordenschat doen we volgens de Viertakt. Dat is een manier waarbij je in 4 stappen de woorden aanleert. De stappen zijn: voorbewerken, semantiseren, consolideren en controleren.

Hieronder staat dat nog eens duidelijk gevisualiseerd. Ik ga niet verder in op het hoe & waarom van de Viertakt, daar is al genoeg informatie over te vinden op internet en via andere bronnen. Ik wil wel duidelijk maken hoe ik de woordenschat les aanbied.

Voorbewerken én Semantiseren

Woorden in context: samenhang zorgt voor een vangnet

De eerste twee stappen gaan bij mijn hand in hand. De aan te leren woorden staan in een context. De context is door de methode bepaald en alle lesjes daarom heen bouwen voort op deze context. De PowerPoint begint met de kale opsomming van de 10 woorden. De kinderen mogen vertellen wat ze over elk woord al weten, dat is de voorkennis activeren en uitbreiden. De kinderen vinden dit erg leuk om te doen, ik moet altijd heel goed de tijd bewaken!  Veel woorden ondersteun ik visueel via een PowerPoint, soms met extra kleine zinnetjes erbij. Beelden zeggen meer dan woorden. Daarbij: de woordenschat van de kinderen is erg klein, dus is luisteren voor hen extra vermoeiend. Dan is visuele ondersteuning fijn en noodzakelijk. De PowerPoint die ik toon nodigt ook uit tot praten over het woord en over de context van het woord. De PowerPoint maak ik met zorg en aandacht; de kinderen zullen hierdoor beter opletten omdat ze zien dat de juf veel werk heeft gehad aan een mooi product.

 

Consolideren: Verwerking

De kinderen krijgen verder de lesjes uit het lesboek uitgelegd en beginnen met de verwerking. De verwerking vindt plaats op verschillende dagen in de week. De rest van de week krijgen de kinderen taalbeschouwing, spelling, schrijven en alle andere aspecten van taal. Ook de spellingspakketten worden aangeboden via de Viertakt. Veel woorden die de kinderen moeten leren spellen, moeten zij ook nog gesemantiseerd krijgen.

 

Consolideren & Controleren: mijn woordzoekers (voor iedereen te downloaden)

Ik beperk me tot de woordenschat, omdat dat de enige lessen zijn die ik aanbied. Van elke woordenschat les maak ik een woordzoeker. Deze woordzoeker zet ik op deze site. De woordzoekers zelf print ik voor de kinderen. Mijn woordzoekers worden steeds beter; beperkte ik me voorheen tot de 10 woorden die ik moest aanbieden met nog wat losse woorden erbij, ik ben nu inmiddels zover dat ik de WAK erbij haal en die woorden kies die in de context staan van de 10 woorden die we aanbieden via de woordenschat.

De woordzoeker wordt pas een week later aangeboden, zodat de kinderen de nieuw aangeleerde woorden nóg eens onder hun aandacht krijgen en ze krijgen bovendien veel synoniemen of woorden erbij die met de nieuwe woorden samenhangen. Jammer genoeg kunnen al die nieuwe woorden niet allemaal gesemantiseerd worden (geen tijd! en ook een bepaalde mate van verzadiging, het moet wel haalbaar blijven allemaal), maar er zullen altijd kinderen zijn die toch willen weten wat enkele woorden betekenen. Die kan ik dan klassikaal aanbieden.

Het controleren gebeurt verder met behulp van de methodetoetsen en het terughalen van reeds behandelde woorden in andere lessen.

 

Alfabet

Een groot aantal kinderen heeft ook nog moeite met het alfabet en het opzoeken van woorden in woordenboeken. Door het alfabet zo nu en dan erbij te zetten en door de kinderen op woordenboeken te wijzen, hoop ik dat de kinderen wat eerder een woordenboek zullen pakken. Een en ander zal ook in spelvorm in de klas gedaan worden.

 

Kwaliteit woordzoekers?

De woordenzoekers van week 29-30 zijn op zich goed. Maar de woordenzoekers van de weken daarna zijn beter. Ik heb nu ook de lesboeken van de kinderen erbij gepakt en de extra woorden uit de verwerkingslesjes erbij betrokken. En nu heb ik dit weer verder uitgebreid met de WAK. Dus voorlopig geldt: hoe jonger de datum hoe verantwoorder de woordzoeker!